Belfort begrippen

Belfort begrippen

Belfort

Versterkt bouwwerk niet ten dienste van een heer maar van een gemeente. Een bergplaats van de geschreven stedelijk voorrechten en wapenmagazijn. Een wachttoren met alarmklok voor het signaleren van branden en vijandelijke invallen en een arbeidsklok voor het ordenen van het dagelijkse leven en de werkdag.

Etymologie

Het woord belfort is ontleend aan het Franse beffroi, uit Oudfrans berfroi, op zijn beurt ontleend uit het Oudnederlandse *bergfriþu “vredebewaarder” Bergfried, uit Oergermaans *bergan “bergen, bewaren” en *friþuz “vrede, bescherming”. Via volksetymologische herontleding werd beffroi in de 13e eeuw omgevormd tot belfort, uit bel “klok” en fort “burcht, versterking”.

1. Ook: belfroot. Vanaf de 13e eeuw is een belfort een klokkentoren aan of bij een stadhuis of markthal. Vooral in het welvarende Vlaanderen komen deze klokkentorens voor. In de hoogte lijken zij sterk op de torens van kerken; hier wordt bewust voor gekozen als zinnebeelden van de stedelijke vrijheid en macht. Tot die tijd hadden immers alleen de vorsten en de kerk het geld om dit soort gebouwen/aanbouwen te financieren.
Daarnaast heeft het belfort soms ook betekenis als vestingwerk. (Bron: joostdevree.nl)

Beiaard

Een beiaard, carillon of klokkenspel is een met een klavier bespeelbaar muziekinstrument, bestaande uit één of meerdere series klokken. Een beiaard bestaat uit ten minste 23 gegoten bronzen klokken in vaste ophanging, afgestemd in chromatische volgorde (dat wil zeggen, in halve tonen) die men samen harmonisch kan laten klinken (Wikipedia).

De bakermat van de beiaardcultuur ligt in Nederland en België. Beiaardiers uit de hele wereld komen studeren in Amersfoort of Mechelen. Vanuit Nederland en België heeft de beiaardcultuur zich ook verspreid naar andere landen.

Campanile

Een campanile is een klokkentoren die naast een kerkgebouw staat maar er geen bouwkundig onderdeel van uitmaakt. Het woord komt uit het Italiaans en is afgeleid van campana (klok). (Wikipedia).

Dakruiter

Een dakruiter is een torentje op de nok van een gebouw, vaak een kerk. Als ze op de kruising of viering van het gebouw staan, worden ze vieringtoren of vieringsdakruiter genoemd. Dakruiters hebben geen eigen fundering: ze steunen op het dak en worden meestal in hout uitgevoerd, soms in metselwerk. Vaak zijn ze zes- of achtkantig (Wikipedia).

Donjon

Een donjon is de belangrijkste toren van een burcht, meestal gebruikt als woontoren. 

 

#1 2003, Vlaamse Belforten, Michiel Heirman, Uitgeverij Davidsfonds, Leuven.
Kerkbelfort

Een kerkbelfort is onlosmakelijk verbonden aan een kerk maar door een gemeente gefinancierd en functioneert als belfort.

Klavier

Noël Reynders

Bij een beiaard bestaat het klavier uit korte en lange stokken, die ook wel wit en zwart worden genoemd, hoewel ze dat niet zijn. De indeling van deze toetsen is gelijk aan die van een piano, zodat een pianist direct zal begrijpen waar de toetsen voor dienen, maar de wijze van bespeling (met de vuisten) is anders. (bron: Wikipedia)

Lakenhal

Een lakenhal (in Vlaanderen ook wel lakenhalle) is een gebouw dat zijn oorsprong kent in de middeleeuwen als handels- en stapelplaats voor het laken. In sommige plaatsen vonden er ook keuringen plaats, en werd de kwaliteit van het laken bevestigd door de toekenning van een lakenlood (Wikipedia).

Meestermetselaar

Als je in de 16de of 17de eeuw metselaar wilde worden ging je vier jaar in de leer bij een meestermetselaar. De leertijd sloot je af met een meesterproef. Een bouwmeester werd vaak ook meestermetselaar genoemd.

Schepenhuis

Met het Schepenhuis wordt de locatie bedoeld waarin de schepenbank haar vergaderingen hield. In de middeleeuwen gebeurde dit over het algemeen nog in openlucht. Vanaf de 13e eeuw werden er stenen gebouwen met meestal een belfort opgericht waarin de schepenen konden beraadslagen (Wikipedia).

Speeltrommel

Noël ReyndersEen speeltrommel is een onderdeel van een automatisch beiaard. Het messing of gietijzeren wals waarin voor elke speelhamer een baan van gaatjes is aangebracht waarin stiften gestoken kunnen worden. Door het draaien van de trommel komt een mechaniek in werking waardoor automatisch hamers op klokken vallen.

Stadhuis

Een stadhuis (ook: raadhuis of gemeentehuis) is een gebouw waarin de ambtenaren van de gemeente, de burgemeester en wethouders (Nederland) of schepenen (België) werken en waar de gemeenteraad vergadert (Wikipedia).

Steunbeer

Een steunbeer is een verdikking of pijler die tegen het muurwerk aanstaat om het te verstevigen.

 

#1 2003, Vlaamse Belforten, Michiel Heirman, Uitgeverij Davidsfonds, Leuven.
Travee

Een travee (afgeleid van het Franse woord travée, en oorspronkelijk van het Latijnse trabis, balk) of gewelfjuk is onder andere een deel van een gebouw, dat wordt bepaald door twee opvolgende steunpunten in de lengterichting van het gebouw. Een travee is ook een begrip in de vlakverdeling van een gevel. De travee is dan de afstand waarbij de gevel zich in de lengterichting begint te herhalen. Dit komt min of meer overeen met de breedtes van deuren en vensters (Wikipedia).

Vieringtoren

Een vieringtoren, kruisingtoren, lantaarntoren of transepttoren is een kerktoren midden op de kruising van een kerk. Vieringtorens kunnen gemaakt zijn van steen, maar vaak is dit te zwaar voor de kruispijlers. Daarom worden vieringtorens ook vaak van hout gemaakt, vaak beschermd met een loden bekleding. Soms dient de vieringtoren als klokkentoren (Wikipedia).

Wachttoren

Een wachttoren of uitkijktoren is een toren die gebruikt wordt om vanuit een hoog punt de wijde omgeving te kunnen bekijken en bewaken (Wikipedia).

Westerblok

Een westerblok (ook wel: westwerk , westbouw of westkoor) is een monumentaal bouwwerk aan de westkant van een kerkgebouw, dat vaak wordt geassocieerd met de Maaslandse kunst, alhoewel ook in het Duitse Rijnland en elders westwerken uit de karolingische, ottoonse of romaanse periode voorkomen (Wikipedia).

De drie recentste berichten

Last Post onder de Menenpoort

Last Post onder de Menenpoort

Het eerste waar Reijer over begon toen het plan was opgevat om naar het belfort van Ieper te gaan was het bijwonen van de Last Post ceremonie onder de Menenpoort. Je kunt eigenlijk Ieper niet bezoeken zonder deze ceremonie bezocht te hebben.